De “zate” en het bouwen van het zinkstuk

De zate is de plek langs het water, waar de zinkstukken gemaakt worden. Omdat veel rijshout aangevoerd moet worden voor de zinkstukken, moet de zate met een mobiele kraan berijdbaar zijn. In vroeger tijden werden de bossen rijshout naar de zate gesjouwd. Met behulp van de kraan kan nu veel sneller en met minder moeite gewerkt worden.
Aan de zate worden - haaks op de waterlijn - kunststof buizen gelegd, die verbonden worden met touwen (sleeplijnen). Deze sleeplijnen leiden naar de plek van bestemming van het te bouwen zinkstuk.
Klassieke zinkstukken zijn vaak enorm zwaar en omvangrijk in grootte. Daarom worden ze op de buizen gemaakt, om uiteindelijk soepel en zonder beschadigingen in het water te kunnen glijden. Met de sleeplijnen kan het zinkstuk verder gesleept worden door een sleepboot of kraanschip.
Allereerst wordt een raamwerk van wiepen uitgezet: om de meter een wiep voor de eerste laag, vervolgens een tweede laag haaks erop. Ieder kruispunt wordt geknoopt met sjorringtouw, dat tevens de voorbereiding vormt voor het verder opknopen van het rijshout op het zinkstuk. Het sjorringtouw heeft overigens de eigenschap zich verder vast te zetten zodra het nat wordt door de sisal-polypropleen samenstelling.
Als alle wiepen geknoopt zijn, worden bossen rijshout gelijkmatig uitgespreid en verdeeld tussen de bovenste laag wiepen, tot een dikte van ongeveer 10 tot 15 cm. Hierover wordt - haaks op de eerste laag - een tweede laag rijshout aangebracht. De opdrachtgever (bijvoorbeeld Rijkswaterstaat, een gemeente of een aannemer) bepaalt overigens de benodigde dikte van de wiepen en van de rijshoutlaag.
Haaks op de laatste laag rijshout, worden weer wiepen uitgelegd, gevolgd door een toplaag wiepen. Deze lagen worden met het eerder aangebrachte sjorringtouw opgeknoopt, zodat alle lagen wiepen en rijshout stevig aan elkaar vastzitten. Dit knopen gebeurd met speciale - ambachtelijk geleerde - slagen en knopen.
Eventueel wordt nog een extra laag wiepen opgeknoopt om te voorkomen dat basaltstenen van de mat rollen tijdens het afzinken van het zinkstuk. Deze extra laag is even effectief - en minder kostbaar - als het vroegere vlechtwerk van wilgentenen dat bovenop het zinkstuk werd gemaakt.
Voor Van Aalsburg is het geen probleem om 3.000 m2 klassiek zinkstuk per dag samen te stellen.